Blog

Regelmatig vertelt Dolf Becx vanuit de praktijk hoe de methode van Erwin Böhm tot inzicht en resultaten kan leiden bij de zorg voor mensen met dementie of andere cognitieve problemen. Je leest hier zijn nieuwste bijdrage.

 

- 15-6-21 -

De dame op de dagbesteding klaagde voortdurend over alles wat zeer deed.. Ze kon écht niets doen, want ze mankeerde dit of dat. Het enige wat ze bijna dwangmatig deed was wandelen en breien: ‘anders verleer ik het’. Daarnaast moest iedereen steeds opnieuw haar shirtje van de dag mooi vinden. Het gedrag was kinderlijker dan we mochten verwachten in dit stadium. Uit de metingen bleek ten eerste, dat mw. nog slechts licht dementerend scoorde. Dat uit zich doorgaans in een versterkte drang naar waardering. Maar mw. liet tevens een opvallend functieverlies zien, dat ons deed vermoeden dat er frontotemporale dementie speelt. Daarnaast bleek uit die meting dat haar gevoelsleven vooral op het fysieke gevoel mankeerde. Dat was niet nieuw, want mw. gaf zelf aan, dat ze al vroeg had geleerd dat ze aandacht kon trekken met lichamelijke mankementjes. Met de Böhm analyse kwamen we erachter, dat mw. nog steeds (of wederom) speelde met haar fysieke tekortkomingen om daarmee aandacht te krijgen;  gezien te worden. Dat zou van kwaad tot erger kunnen worden, want als er inderdaad frontotemporale dementie speelt, dan kan het leven mede daardoor snel heel klein worden. We hebben mw. nu eerst een paar spelletjes geleerd, die zij vervolgens beter kan dan anderen. Zij legt ze uit aan andere cliënten. Dat heeft haar een nieuwe positie gegeven. Daarnaast hebben we de wandeldrift omgebogen naar een actieve positie in beweeglijke huishoudelijke taken in en om de Zorgboerderij. Ook dat geeft veel meer voldoening, omdat ze positief gewaardeerd wordt. De range aan activiteiten is nu een stuk groter dan voorheen en de gevoelde pijntjes zijn naar de achtergrond verdwenen. En het mooiste is: mevrouw is voor het eerst sinds hele lange tijd weer tevreden.